Langebaanschaatsen

Langebaansnelschaatsen is schaatsen tegen de tijd op een ovale 400 meter baan. Wedstrijden worden meestal gereden op afstanden van 500, 1000, 1500, 3000, 5000 en 10.000 meter. Telkens 2 renners starten tegelijk op een binnen- en een buitenbaan waarbij ze in het rechte stuk voor de aankomst van baan wisselen. Het klassement wordt opgemaakt op basis van de individuele tijd van alle renners.

Naast de individuele afstanden tegen de tijd is er ook de ploegenachtervolging waarbij per ploeg van drie renners geschaatst wordt en de massastart waarbij een grote groep renners tegelijk start en niet tegen de tijd rijden maar waarbij de eerste renner wint.

Voor het schaatsen is een goede conditie en een uitstekende techniek vereist. De schaatsers zitten diep door de knieën en zetten zich zijwaarts af om een zo groot mogelijke snelheid te verkrijgen. Zo halen ze snelheden tot wel 60 km/u.

Het schaatsen is al sinds 1924 een Olympische sport. Internationaal is de sport populair in China, Japan, Zuid-Korea, Rusland, Noorwegen, Canada, Verenigde Staten en zeker ook in Nederland. In Vlaanderen kan je aansluiten bij 2 langebaanschaatsclubs(interne link naar ‘hoe te starten’?). Er is in Vlaanderen evenwel geen langebaan ijspiste. Daarvoor kan je in Nederland terecht. Dicht bij de grens zijn er overdekte schaatsbanen in Tilburg en Breda.

Bron: Neeke Smit 

Langebaanschaatsen is het broertje van het shorttrack. Groot verschil is dat in het langebaanschaatsen de snelste tijd wint, terwijl het shorttrack een wedstrijd is tegen andere renners waarbij de eerste wint. De uitzondering is hier de massastart van het langebaan schaatsen dat ook een wedstrijd is waarbij de snelste wint. De ijsbaan is ook veel langer (400 meter tegenover 111,12 meter) met minder scherpe bochten. Het langebaanschaatsen gebruikt dan ook andere schaatsen met minimale weerstand gericht op maximale snelheid en minder op grip zoals in het shorttrack.

Langebaanschaatsen is het zusje van het skeeleren. Behalve individuele tijdritten op 300 meter overweegt in het skeeleren evenwel het wedstrijdelement waarbij de eerste wint. Maar inzake techniek en training leunen beide sporten dicht bij elkaar aan waarbij veel schaatsers uit het skeeleren voortkomen of het skeeleren buiten in de zomer afwisselen met langebaanschaatsen in de winter. Dit geldt bv. voor Bart Swings die meervoudig wereldkampioen is in het skeeleren maar tegelijk in 2018 een Olympische medaille won in het langebaanschaatsen.

Bezoek ook onze nieuwe website IJSSCHAATSEN.BE